Actions

Work Header

Rating:
Archive Warning:
Category:
Fandom:
Relationship:
Characters:
Additional Tags:
Language:
Nederlands
Stats:
Published:
2025-01-01
Words:
349
Chapters:
1/1
Comments:
3
Kudos:
6
Bookmarks:
2
Hits:
67

De Italiaanse mus en de steenarend

Summary:

Gedicht dat ik heb geschreven voor een geschiedenisopdracht die ik heb gebaseerd op de Chibitalia-boog.

Notes:

Title translates to 'The Italian Sparrow and the Golden Eagle'

Work Text:

06/08/1806,

''Alle vogels zijn al aan het nestelen, behalve ik en jij. Waar wachten wij nog op?''

 

Het was de 10de eeuw toen ik je eerst zag,

Het was een prachtige, zonnige dag. 

Maar toch zat jij alleen,

Opgesloten in het herenhuis om de vloeren te vegen.

 

Ik zei geen 'hallo' of gedag,

maar ik trok aan die groene rok.

En zo wachtte ik.

Stil was het: Je hoorde alleen het getik van de klok.

 

Ineens pauzeerde jij met vegen,

Mijn hart ging non-stop klop.

Je draaide je je langzaam om,

Terwijl je angst hoger klom.

 

Toen onze ogen ontmoetten, zag ik eindelijk jouw gezicht,

Mijn kijkers helemaal op jouw gericht.

Jij schreeuwde van de schrik, als een prooi vast in het de lok.

En had geen idee wat er gebeurde, als een kip in het hok.

 

Dat gebeurde eeuwen geleden,

De tijd is alweer gepasseerd.

Maar toch denk ik terug aan die dagen,

Aan het meisje dat in het groen kleedde.

 

Ik verlang naar je, mijn lieve Italia.

Ik mis je elke dag.

Dus wacht ik geduldig tot de tijd,

Totdat ik jou weer vasthouden mag.

 

De vogels die zingen weer,

die zijn weer in het land.

Ik had liever niet meegedaan aan dat gevecht,

Want ik hou liever jouw warme hand.

 

Het maakt mij niet uit hoeveel tijd is verstreken,

We zijn voor eeuwig aan elkaar gehecht.

Het maakt mij niet uit hoeveel weken en jaren, want de vogelen zijn al begonnen met paren.

Dus wanneer mag ik jou weer zien?

 

Ik verlang elke dag naar die zicht, Het donker verdwijnt door de licht.

Was er maar een fakkellicht, Die op de strijd was gericht.

Dan had ik nooit in bed gelegen, Zwetend met bleke huid.

Tranen rollen als regen, En kijk ik het laatste keer uit het ruit.

 

Het meisje in groen, beeld ik uit.

Was ze hier zou ik niet lopen maar rennen.

Maar helaas, is ze er niet te erkennen.

Dat ik haar nog één keer mag zien mag ik alleen maar hopen,

Dus doe ik vandaag mijn ogen niet meer open.